Jungleboek

Scoutpedia.nl, dé Scouting wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Jungleboek is verhalenbundel die in 1894 is geschreven door Joseph Rudyard Kipling. Op een aantal van deze verhalen werd het spelaanbod van de welpen gebaseerd.

Deze gaan over de jongen Mowgli die, als hij nog een baby is, door z'n ouders voor dood, in de jungle wordt achtergelaten, als zij worden aangevallen door een tijger (Shere Khan). Hij is echter niet dood en wordt door wolven in hun horde opgenomen en opgevoed. Hij beleeft dan allerlei avonturen met de wolven van de horde, de oude wijze beer Baloe, de zwarte panter Bagheera en nog veel meer dieren uit de jungle.

Een ander verhaal uit het Jungleboek is het verhaal van Kotick de witte zeehond, waarop het spelaanbod van de Zeehondjes werd gebaseerd

Op het boek zijn al verschillende films en tekenfilms gebaseerd, bijvoorbeeld door Walt Disney, deze films zijn inmiddels bekender dan het boek wat aan de basis stond maar de films wijken echter nogal eens af van en kunnen niet tippen aan het originele verhaal van Rudyard Kipling.

Betekenis[bewerken]

Het jungelboek beschrijft de karakterontwikkeling van een 'jong mens'. Mowgli alleen, maakt het onderwerp uit van het verhaal, hij alleen is de hoofdpersoon. Zijn evolutie, zijn groei naar zelfbeheersing, dat is het thema hoe Mowgli als een “naakte puit” bij de Wolven kwam, om na 15 jaar weer naar de mensen te keren, als volwassen persoonlijkheid. De andere personages vormen de vaste achtergrond, tegenover dewelke het verhaal van Mowgli’s opvoeding zich voltrekt. Zij evolueren niet, Mowgli alleen doet dat. Elk dier heeft zijn karakter; doorheen het hele verhaal blijft dit onveranderd. De dieren spelen een hulprol, zijn slechts van belang in zoverre zij een invloed uitoefenen op de opvoeding van het mensenjong.

Akela, Baloe en Bagheera zijn de voorbeelden van een karaktereigenschap, welke Mowgli moet ontwikkelen; Shere-Khan, de Bandars en het Gidoer-log zijn zovele ondeugden welke zullen bestreden worden.

Vooral in het 1e jungleboek wordt verhaald hoe Mowgli’s evolutie zich voltrokken heeft in 5 hoofdmomenten.

  1. Onbevreesd komt Mowgli naar het wolvenhol : meteen bewijst hij dat hij reeds karakter bezit : “Naakt kwam het in de nacht tot hier, alleen en hongerig, en toch was het niet bang.”
  2. Het hoofdstuk met de Bandar-log verhaalt van een slippertje dat Mowgli maakte. Het apenvolk is een grappige karikatuur van de kindergebreken : wispelturig, slordig, opscheppend, tuchtloos, zonder wetten; Mowgli laat zich verleiden door mooie beloften en geeft toe aan speelzucht.
    Een ogenblik laat hij zich gaan, en reeds dreigt de ramp, de mislukking van het opvoedingswerk. Gelukkig waken Baloo en Bagheera. Er volgt een prachtige les : de overwinning van de koele zelfbeheersing, verpersoonlijkt in Kaa, de slang, op de dwaze losbolligheid van de apen. Een symbool van Mowgli’s opvoeding.
  3. Door zijn rimboeleven verwerft Mowgli genoeg karakter om zijn wil op te dringen aan Shere-Khan (het beeld van al wat laag en laf is). Met de hulp van de Rode Bloem wordt de tijger verjaagd : “Op, hond, riep Mowgli, op, als een mens spreekt, of ik steek je pels in brand!”.
  4. Op het ogenblik dat Mowgli’s karaktervorming voleindigd is, kan hij zijn tweede, definitieve overwinning behalen op zijn erfvijand : “Heel de jungle weet dat ik Shere-Khan gedood heb. Kijk goed toe, o wolven”. Aldus affirmeert Mowgli zijn pas verworven meesterschap over de rimboe.
  5. Na deze periode is Mowgli rijp geworden : een volwassen karakter in dienst van de gemeenschap waarin hij leeft.
    Praktisch is hij de leider van de horde; toch verkiest hij afzonderlijk te jagen, samen met de vier. Door zijn toedoen is de horde weer het “Vrije Volk” geworden, vrij van alle driften welke Shere-Khan verspreid had. Eens te meer een overwinning van het ‘karakter’ op de laagheid : "Leid ons weer, o Akela, leid ons weer, o Mensenjong, want wij zijn die tuchteloosheid beu. We willen weer een vrij volk zijn."
    "De Mensenhorde en de Wolvenhorde hebben mij uitgestoten", zei Mowgli. "Nu zal ik alleen op jacht gaan in de jungle."
Zie het artikel begrippen uit het Jungleboek voor een verzameling plaatsen, namen en andere woorden uit het Jungleboek, met uitleg

De Jungleverhalen[bewerken]

Het "jungleboek" is opgebouwd uit een aantal verhalen. Sommige spelen zich af rond figuren van Mowgli; andere vormen een afzonderlijke reeks die niet rechtstreeks verband houden met het leven van Mowgli. De verschillende Hoofdstukken zijn:

  1. Mowgli in de horde.
  2. Mowgli opgenomen in het nest.
  3. Mowgli opgenomen in de jungle.
  4. De Bandars roven Mowgli.
  5. Kaa zal hulp verlenen.
  6. Strijd in de Koele Holen.
  7. Droogte in de jungle.
  8. Hoe de vrees in de wereld kwam
  9. Mowgli vernedert Shere-Khan.
  10. Mowgli bij Messoea.
  11. Dood van Shere-Khan.
  12. Mowgli redt Messoea.
  13. Verwoesting van het dorp.
  14. De Ankus van de koning.
  15. De Ankus brengt de dood.
  16. De rode honden in aantocht.
  17. Kaa geeft raad
  18. Strijd tegen de rode honden.
  19. De lenteloop bij de dieren.
  20. Mowgli bij de mensen.

Wetten[bewerken]

1. Wet van de jungle.

Schrijft nooit iets voor zonder reden. Deze wet verbiedt de dieren mensen te eten, behalve wanneer zij doden om hun kinderen te leren hoe ze moeten doden. Dan nog moet dat gebeuren als zij jagen buiten de eigen gebieden van eigen stam of bent. De ware reden voor het niet doden van mensen is dat dat vroeg of laat gevolgen zal hebben. Witte mensen gezeten op olifanten en gewapend met donderstokken (geweren) en honderden bruine mensen met stokken die snijden (speren), gongs, vuurpijlen en toortsen trekken de jungle in en doden alles wat zij op hun weg tegenkomen. Het is duidelijk dat dan de hele jungle lijdt. Toch geven de dieren onder elkaar een andere reden op voor het niet doden van mensen, namelijk de mensen zijn de zwakste van alle wezens. Mensen kunnen zich niet verdedigen en het zou dus onsportief zijn ze aan te vallen en te doden. Ook zeggen de dieren, en dat is ook waar, dat zij die mensen eten schurftig worden en hun tanden verliezen.

2. Wet van de wolven

"Gij allen kent de Wet, zie wel toe, gij wolven" Als antwoordt geven de moederwolven de roep: "Ziet toe, ziet wel toe, gij wolven".

3. Wet van de wolven

Wanneer er verschil van mening is over een jong dat in de stam moet worden opgenomen, dienen er tenminste twee leden te zijn die zich ten gunste van dit jong uitspreken. De vader en moeder van dit jong zijn van dit recht uitgesloten. Baloe en Bagheera deden dit bijvoorbeeld ten gunste van Mowgli.Bij verschil van mening over een nieuw jong, wat niet belangrijk genoeg is om voor te vechten of te sterven, kan dat jong voor een zekere prijs gekocht worden. Hierdoor kon en mocht Mowgli vanwege de stier die hem vrijkocht nimmer runderen (oud of jong) doden.

4. Wet van de jungle

Sla eerst, geef dan pas geluid.

5. Wet van de jungle

Spijt heft straf nimmer op (Mowgli kreeg van Baghera als straf omdat hij omging met de Bandar-Log 6 klappen).

6. Wet van de jungle

Eist het leven van diegene die doodt bij de drinkplaatsen als de watervrede is afgekondigd.

Geluiden[bewerken]

Ya-La-Hi! Ya-La-Hi!

Jachtroep der wolven. "Laten wij gaan jagen"

Bronnen[bewerken]

Bronnen:
scout-o-wiki:Dschungelbuch