Kabouternaam
De kabouternaam is de naam voor een leid(st)er of jeugdlid bij de kabouters. Zowel bij de Vlaamse als de Nederlandse kabouters worden er kabouternamen gebruikt.
[bewerken] Vlaanderen
In Vlaanderen heeft de kabouterleiding een eigen kabouternaam. Deze namen zijn afgeleid van de personages die in het Kalisandraverhaal voorkomen. Dit zijn bijvoorbeeld Kita, Wonk, Wantal, Kilroi, Feere, JJP, Bero, Wiezel en Kniezel. De jeugdleden hebben geen kabouternaam, maar hebben in plaats daarvan een totemnaam, die de nieuwelingen van de oudere scouts krijgen toegewezen.
Bij enkele groepen krijgen ook de kabouters zelf een kabouternaam, deze wordt door de leiding verzonnen en is gebaseerd op karaktereigenschappen van de kabouter.
[bewerken] Nederland
In Nederland heeft niet alleen de leiding een kabouternaam, maar ook de jeugdleden zelf. De kabouternaam is voor een kabouter de naam die zij bij haar installatie krijgt. De naam zegt iets over de nieuwe kabouter, en wordt door de leiding bedacht, of door de andere kabouters in de groep. De naam hoeft niets met het land Bambilië te maken te hebben, maar zegt meestal iets over het karakter van het kersverse lid. Voorbeelden van namen:
- Kabouter Babbel, voor een meisje dat graag en veel praat
- Kabouter Rakker, voor een meisje dat erg ondeugend is
Dat de kabouters een eigen kabouternaam krijgen, is anno 2007 niet bij alle kaboutergroepen gebruikelijk. Vaak heeft alleen de leiding een kabouternaam, waarbij de leiding zich vernoemd heeft naar een dorpje in Bambilië. Een aantal voorbeelden: ·Ando ·Andor ·Andora ·Andos ·Bamba ·Bambo ·Brompie ·Dorinte ·Dras ·Drasmo ·Drassie ·Driemke ·Driems ·Driemske ·Drintel ·Filia ·Filie ·Filius ·Filoen ·Havertje ·Havi ·Hollie ·Holly ·Jig ·Jiggel ·Jiggelien ·Jochta ·Keverina ·Kevertje ·Kevie ·Kevy ·Knaagje ·Knager ·Knar ·Kris ·Krista ·Mieg ·Miegje ·Mops ·Raasja ·Razer ·Reska ·Reske ·Resse ·Rommeltje ·Ruige ·Snorrie ·Vlimper ·Vlits ·Wams ·Wamsie ·Wapsie ·Warbo ·Warbol ·Warrie ·Wilder ·Wiwo ·Woeps ·Woepsie
Voordat "Bambilië" als kabouterthema werd geintroduceerd, had de leiding namen als Oehoe en Oebi. Dit was afkomstig uit het verhaal over Tommy, Betty en de wijze uilen, het kabouterverhaal dat in 1914 door de oprichter van Scouting als kabouterverhaal werd aangewezen. "Toewiet" was in die tijd de naam die een padvindster kreeg wanneer ze enkele keren meehielp als leidster bij de kabouters. Dit meehelpen gebeurde dan in het kader van de klasse-eisen voor padvindsters. "Toewiet" is dus eigenlijk geen naam, maar een functie.
| Bron(nen): |
|