Interlandelijke Scoutinggroep

Scoutpedia.nl, dé Scouting wiki
Ga naar:navigatie, zoeken

Interlandelijke scoutinggroepen zijn groepen die gevestigd zijn in een ander land dan het herkomst land van de leden. De term "Interlandelijk" is geen officiële benaming maar om aan te gegeven dat het hier om groepen gaat die verbonden zijn met meerdere landen. De Boy Scouts International Bureau (Nu de WOSM) deelt deze groepen in 3 categorieën.

  1. “Nationale” bewegingen die niet actief zijn binnen de grenzen van het oorspronkelijke thuisland, zoals De Russische en Armeense ballingschapgroepen.
  2. Kleine verenigingen zonder stemrecht en zo door de BSIB gezien werden als “raden”. In het verleden bijvoorbeeld de Boy Scouts of the United Nations en de International Boy Scouts of the Canal Zone.
  3. De “Mixed-Nationality Troops”

De groepen zijn soms aangesloten bij de nationale organisatie van het land waar de leden vandaan komen en soms aangesloten bij de nationale organisatie van het land waar ze gevestigd zijn, in sommige gevallen bij beide. Zo kunnen ze ook deelnemen aan lokale evenementen en kampen. De leden hebben vaak een andere nationaliteit dan het land waar de groep gevestigd is.


Categorie 1[bewerken]

In de eerste categorie vallen de vluchtelingen groepen die actief zijn buiten hun eigen thuisland.

Vluchtelingen[bewerken]

Kinderen van vluchtelingen hebben vaak dingen meegemaakt die moeilijk te verwerken zijn. Bij groepen die door volwassenen vluchtingen opgezet zijn, kunnen ze hun ervaringen delen en deelnemen aan scouting. deze groepen doen vaak mee aan regionale activiteiten, nationale en internationale kampen. Samenwerking met de lokale groepen en de taal leren, zijn leuke manieren om de aansluiting bij leeftijdsgenoten te vinden in het land waar ze op dat moment wonen. De staf van deze, op vluchtelingen gerichte, groepen is vaak zelf ook vluchteling en was al in het land van herkomst betrokken bij Scouting.

Nationale Beweging “Zonder Land”[bewerken]

Na de Russische burgeroorlog werd scouting in de Communistische Sovjet-Unie verboden en werd de Pionierbeweging opgericht. Scouts die het land waren ontvlucht sloten zich bij elkaar aan en vonden een vervangend thuis. De BSIB besloot op 30 augustus 1922 dat deze twee organisaties in ballingschap vertegenwoordigers van de Russische scouting in het buitenland. Ook de Armeense Scouting organisatie zetten hun activiteiten door in Frankrijk en werd erkend als “nationale beweging op buitenlandse bodem” op 30 april 1929.

Displaced Persons Division[bewerken]

De Displaced Persons Division of was een tijdelijke scouting organisatie bij de Boy Scouts International Bureau (BSIB). De voorloper van de WOSM. De afdeling werd in 1947 opgericht om de Scouts in de ontheemde kampen na de tweede wereldoorlog te ondersteunen en te erkennen als volwaardige scouts. In onder andere Oostenrijk, Italië en Duitsland waren van dit soort opvangkampen voor vluchtelingen. Gevluchte Scouts uit verschillende landen als bijvoorbeeld Oekraïne konden hier toch hun scouting activiteiten door gang laten vinden. De DP-divisie werd op 30 juni 1950 alweer afgesloten.

Categorie 2[bewerken]

Hier vallen de groepen onder van die te klein zijn om een zelfstandige nationale organisatie te hebben.

Padvinders van de Verenigde Naties[bewerken]

In 1945 starten de Boy Scouts of the United Nations (nl; Padvinders van de Verenigde Naties). Ze bleven jaren actief in Parkway Village in New York, Parkway Village was de wijk die gebouwd werd om het personeel van de toen nieuwe Verenigde Naties te huisvesten. Er waren slechts 14 leden in 1959 en is allang ontbonden.

Internationale Boy Scouts of the Canal Zone[bewerken]

De Panamakanaalzone was een stuk grondgebied van zo’n 1432 Km2 in het land Panama waardoor het Panamakanaal loopt. Het kanaal en ongeveer 8 km van de oevergebieden aan weerszijde van het kanaal, behoorde tot de Panamakanaalzone. De zone viel bestuurlijk onder de Verenigde Staten. De Scouts die in de zone actief waren in eerst instantie lid van de BSA overzees maar in 1947 werden ze overgedragen aan het internationale Bureau. De Panamazone groep had in 1957 meer dan 900 leden en werd opgeheven in het einde van de jaren 60 als rechtstreeks geregistreerde groep.

Categorie 3[bewerken]

In 1924 werd er besloten dat groepen van gemengde nationaliteit zich als groep zelfstandig aan konden sluiten bij de BSIB. De aanleiding was de oprichting van een gemixte groep in Japan. Slechts een paar groepen hebben dit ooit gedaan en nieuwe gemengde groepen worden gestimuleerd zich aan te sluiten bij de lokale nationale organisatie.

Troop 1[bewerken]

De enige nog overgebleven scouting groep die rechtstreeks aangesloten is bij de WOSM is ook de eerste, De International Boy Scouts, Troop 1 in Yokohama in Japan.

Nederland[bewerken]

in Nederland zijn een aantal van dit soort groepen. Enkele voorbeelden;

België[bewerken]

Ook in Belgie zijn voorbeelden te noemen.

Britse Interlandelijke Organisaties[bewerken]

De Britse Scout Association en Girlguiding UK hebben zelfs speciale afdelingen voor interlandelijke verenigingen.

Verenigde Staten[bewerken]

Drie "Councils" (Raden) houden zich bezig met Scouting door de Boy Scouts of America (BSA) buiten de Verenigde Staten. ze ondersteunen Lone Scouts en interlandelijke groepen op Amerikaanse basissen. Zo blijven de leden lid van BSA en kunnen buiten de V.S. Scouting blijven beoefenen.

  • National Capital Area Council - voor het volledige Amerikaanse continent.
  • Transatlantic Council, BSA - voor Scouts in Europese, Arabische, Afrikaanse en Oost-Aziatische landen.
  • Far East Council, BSA - voor landen in het Verre Oosten en Oceanië.

Ook de Girl Scouts of the USA (GSUSA) hebben hun eigen "buitenland" onderdeel.

  • USA Girl Scouts Overseas (USAGSO) - ondersteund wereldwijd meisjes en hun families te acclimatiseren in hun "nieuwe" land door Scouting.

Uniform en Taal[bewerken]

het uniform dat wordt gedragen is afhankelijk van de doelgroep en wordt bepaald door de groep zelf. ook ze taal die gesproken wordt varieert per groep. internationale groepen met meerdere nationaliteiten zullen sneller Engels als voer taal hebben terwijl groepen met vluchtelingen zouden kunnen kiezen voor de taal van hun land van herkomst. Wanneer de leden geboren zijn uit gevluchte ouders spreken zij vaak ook goed de taal van het land waar de groep is gevestigd.,

Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.