Jan Linthorst Homan

Scoutpedia.nl, dé Scouting wiki
Ga naar:navigatie, zoeken


Mr. Jan Tijmen (Jan) Linthorst Homan
Icon boy scout.svg
De Nederlandse Padvinders klein.png
De Nederlandse Padvinders
Raad der Vereeniging
Geboorteplaats
Assen ­Drenthe ­Nederland
Geboortedatum
2 oktober 1873
Overlijdensplaats
Havelte ­Drenthe ­Nederland
Overlijdensdatum
27 mei 1932
Bezig met het laden van de kaart...

Jan Linthorst Homan was een Nederlandse jurist en bestuurder[1][2] en lid van de Raad der Vereeniging van De Nederlandse Padvinders.

Levensloop[bewerken]

Bij Koninklijk Besluit (22 april 1899, nr 28) werd de familienaam Homan voor hem en zijn vader gewijzigd in Linthorst Homan. Jan trouwde in 1902 Jeanette Madalaine Staal (1874-1952), een telg uit het geslacht Staal en dochter van de Minister van Oorlog Henri Staal. Uit dit huwelijk werden onder anderen Hans Linthorst Homan en Harry Linthorst Homan geboren, die beiden ook Commissaris van de Koningin werden. Hij studeerde rechtsgeleerdheid aan de Rijksuniversiteit Groningen en vestigde zich in 1897 als advocaat en procureur in Assen. Hij werd lid van de gemeenteraad van Assen en was 1904-1917 lid van de Provinciale Staten van Drenthe. Zijn verdere leven zou voor een belangrijk deel in het teken staan van de landbouw. Hij werd benoemd tot vertegenwoordiger in het Koninklijk Nederlandsch Landbouw Comité (KNLC), waarvan hij in 1913 voorzitter werd. Vooral vanwege deze functie speelde hij tijdens de kort daarop uitbrekende Eerste Wereldoorlog een belangrijke rol bij vele crisismaatregelen. Door de oorlog en de sterke afname van het internationale handelsverkeer kreeg de voedselvoorziening een ongewoon grote betekenis en hij speelde daarin nationaal een toonaangevende rol. In 1917 volgde hij zijn vader op als commissaris van de Koningin in Drenthe. In 1923 nam hij het initiatief tot de oprichting van het latere Opbouw Drenthe. Deze vereniging verzekerde zich van de medewerking van alle organisaties voor sociaal werk. Buurthuizen en schoolartsen zijn aan deze instelling te danken, terwijl de vereniging zich ook op economisch gebied ontplooide. In 1931 nam hij om gezondheidsreden ontslag als Commissaris der Koningin. Hij was van 1917 tot in 1932 ook curator van de Groninger Universiteit en hij was voorzitter van het College van Regenten van de Rijkswerkinrichting te Veenhuizen. Hij trok zich terug op het familiebezit, huize Overcinge, in Havelte en is hier overleden.

Scouting[bewerken]

Hij was lid van de Raad der Vereeniging van De Nederlandse Padvinders.

Onderscheidingen en eretitels[bewerken]

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw (Koninkrijk der Nederlanden, 30 augustus 1921)
  • Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau (Koninkrijk der Nederlanden, 26 oktober 1931)
  • Commandeur in de Huisorde van Oranje (Koningin Wilhelmina)
  • Commandeur in de Orde van Agrarische Verdienste (Republiek Frankrijk)
  • Kruis van Verdienste van het Oostenrijkse Rode Kruis (1914)
Category stub nl.svg Dit artikel is een beginnetje. U wordt uitgenodigd op Bewerk te klikken om uw kennis aan dit artikel toe te voegen.
Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.