Thorwald Egidius

Scoutpedia.nl, dé Scouting wiki
Ga naar:navigatie, zoeken


Dr. Thorvald Frederik (Thorwald) Egidius
Geboorteplaats
Amsterdam ­Noord-Holland ­Nederland
Geboortedatum
7 juni 1885
Overlijdensplaats
Blommenholm ­Akershus ­Noorwegen
Overlijdensdatum
14 februari 1979
Bezig met het laden van de kaart...
Waarderingsteken(s)
 Zilveren Vlaamse Gaai 


Dr. Thorwald Egidius was reserve 1e luitenant der Huzaren, doctor in de chemie, ondervoorzitter van De Nederlandsche Padvinders, trainer bij de eerste Gilwelltraining in Nederland en districtscommissaris van Arnhem.

Levensloop[bewerken]

Hij was de oudste zoon van de viceconsul van Zweden[1]. Ook zijn grootvader en overgrootvader waren Consul (Generaal) van Zweden (en Noorwegen) in Amsterdam[2][3][4]. Zijn tante Thora van Loon-Egidius was dame du palais van koningin Wilhelmina[5]

Een erg jonge Thorwald

Van januari 1909 tot augustus 1923 was hij verbonden aan het eerste regiment Huzaren, maar het grootste deel van die tijd was hij met onbetaald verlof[6]. Hij promoveerde in de scheikunde voor mei 1913[7]. In december 1913 werd in Utrecht de N.V. Metaaldraadlampenfabriek „Holland" opgericht met Egidius als adjunct-directeur[8]. Het bedrijf was niet erg succesvol en in 1917 werd gepland het weer op te heffen. Echter, het bedrijf ging toch door, omdat het tegen het eind van dat jaar door het Ministerie van Oorlog werd gevraagd om een kopie te maken van een radiobuis uit een in Nederland neergestort Duits watervliegtuig. Egidius werd toen waarschijnlijk de directeur. Gedurende enige jaren werden die buizen en verbeteringen voor voornamelijk militair gebruik geproduceerd[9]. In 1921 werd hij commissaris van de Koninklijke Nederlandse Wapenfabriek Edouard de Beaumont in Roermond en lid van het Provinciaal Utrechts Genootschap van Kunsten en Wetenschappen in de sectie van natuur- en geneeskundige wetenschappen[10][11]. In januari 1923 werd Egidius commissaris van de metaaldraadlampenfabriek. De bedrijfsleider werd directeur[9]. Op 26 november 1925 trouwde hij met jonkvrouw Emmerentia Haze van Doorninck[12]. Zij kregen samen vier dochters. Op 18 juni 1927 vertrok Egidius bij de metaaldraadlampenfabriek[9].

Thorwald

In 1930 werd hij tot commissaris benoemd van de N.V. Technische Handelsvereniging en tevens tot gedelegeerd commissaris bij de tot het concern behorende Ostara Mosaik & Wandplattenfabriek A.G. in Osterath, Rheinland[13]. In februari 1931 werd de N.V. Internationale Octrooi en Industrie Maatschappij opgericht met Egidius in de raad van beheer[14].

In 1933 ging hij failliet[15]. In mei 1934 verhuisde hij naar Noorwegen[16][17]. In 1935 werd het faillissement weer opgeheven[18]. In de jaren 1936-1938 verschenen een aantal publicaties van hem in scheikundige vakbladen[19].

Scouting[bewerken]

Hij was al betrokken bij scouting in 1917[20] en was de hopman van Troep IV in Utrecht. In maart 1920 werd hij aangesteld als hoofdleider[21] in Utrecht. Hij was de eerste Nederlandse deelnemer aan een Gilwelltraining in Gilwell Park[22]. In 1922 was hij als commissaris buitenland en secretaris-penningmeester een van de vertegenwoordigers van Nederland op de tweede World Scout Conference. Hij leidde samen met Jan Schaap de eerste Gilwelltraining in Nederland in 1923. In 1924 werd hij vicepresident van de "Scouts International Home" Associatie, Kandersteg International Scout Centre[23]. In juli 1926 werd hij geïnstalleerd als districtscommissaris van het district Arnhem[24], nadat hij afscheid had genomen als leider van de afdeling Utrecht[25]. Na de organisatieveranderingen binnen De Nederlandsche Padvinders in 1928 was hij ondervoorzitter[26]. In maart 1930 trad hij af als ondervoorzitter, maar bleef lid van het bestuur en commissaris buitenland[27]. In april 1935 trad hij ook af als bestuurslid[28]. Hij was gast in het Nederlandse contingent op de 2de World Rover Moot in Ingarö, Zweden[29]. In 1948 kwam hij naar Ommen voor de opening van het Rambonnethuis en het 25-jarig bestaan van Gilwelltrainingen in Nederland[30].

Onderscheidingen en eretitels[bewerken]

Hij kreeg op 23 april 1954 de Zilveren Gaai uitgereikt in een besloten bijeenkomst op het Muiderslot, tezamen met Ds. Wouter Kalkman, Arie Oosterlee, Johan Buitendijk, Titus Leeser en Han Rozendaal[31].

Publicaties[bewerken]

Bronnen en referenties

Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.