Anker

Scoutpedia.nl, dé Scouting wiki
Ga naar:navigatie, zoeken


Een anker is een gefixeerd punt dat zorgt voor een zekere stabiliteit. Ankers worden gebuikt om dingen vast te leggen. Zowel op het water als op het land. Door deze zekerheid en stabiliteit het anker ook het symbool van hoop geworden.

Scheepvaart[bewerken]

Een anker is een onderdeel van een boot dat overboord wordt geworpen om de boot vast te leggen op plaatsen waar je niet kunt aanleggen met je boot. Een anker bestaat gewoonlijk uit een ijzeren of stalen constructie met meerdere grote boogvormige vloeien die zich in de bodem ingraven. Het anker zit met een ijzeren of stalen ketting en een lijn aan de boot vast. Hierdoor wordt afdrijven voorkomen.

Ankeren met een zeilboot[bewerken]

Voordat je gaat ankeren, kies je een punt uit op het water. Houdt er rekening mee dat je boot uiteindelijk benedenwinds van dit punt komt te liggen en mogelijk niet in een keer pakt. Probeer in je hoofd de aan-de-windse lijnen te zien, en kies uit welke je het handigste lijkt (bijvoorbeeld. afhankelijk van vaargeul, eilandjes, golven, ...). Zorg dat het anker klaarligt om uitgegooid te worden, voordat je op je aan-de-windse lijn vaart. Dit doe je met het commando "prepareer anker". Als je aan de wind vaart (wind komt schuin van voren), begin je je snelheid te regelen met het grootzeil. Door het grootzeil te laten "killen" (zeil wappert bijna helemaal, alleen het achterlijk (achterste rand van het zeil) vangt nog wind) rem je af, door het zeil aan te trekken krijg je meer vaart. Let op dat je het zeil niet té strak trekt, er moet een mooie bolling in zitten, zodat hij net niet klappert. Het is de bedoeling dat je op je uitgekozen punt komt stil te liggen, zodat je niet over je eigen ankerlijn heen vaart. Vlak voordat je bij je punt bent geef je het commando "presenteer anker". Degene die verantwoordelijk is voor het anker, pakt dan het anker en houdt het naast de boot, boven het water. Dit is best zwaar, dus geef dit commando niet te vroeg! Als je op je punt (bijna) stilligt, geef je het commando "lekko anker". Dit is het sein voor degene die het anker vast heeft, om het te laten vallen. Zorg dat je gecontroleerd hebt of de ankerlijn vast zit aan de anker, en aan de boot! Anders ben je je anker kwijt... Laat nu langzaam de lijn vieren, totdat je voelt dat het anker pakt. Dan kan je het zeil opdoeken, en de boterhammen tevoorschijn halen. Zodat andere schepen weten dat je voor anker ligt, hang je een zwarte bol in de mast (stootwilletje werkt ook).

Om weer weg te varen worden de zeilen gehesen, en het anker binnen gehaald. Zodra het anker los is, kan er worden weg gezeild. Niet vergeten: ankerbol uit de mast halen.

Op het land[bewerken]

Voor het op de plaats houden van materiaal of speeltuig, worden ankers gemaakt, aangelegd of gezocht. Ook met een tentharing verankerd men de scheerlijn en daarmee de tent aan de grond. Maar van een verankering spreekt men toch vaker bij een tokkelbanen, touwbrug en hijstuigen.

Natuurlijke verankering[bewerken]

De makkelijkste verankering van touwbanen of tokkelbanen zijn natuurlijke verankeringen die al in de omgeving voor komen. Bomen, pijlers van bruggen, betonnen objecten of een zwaar voertuig. Het nadeel is dat je van deze ankers niet precies weet hoe sterk ze zijn.

Paalverankering[bewerken]

Met houten paaltjes van 1,50 m. lang en zo’n 10 tot 12 cm dik kun je een verankering of houvast maken die ongeveer 300 tot 350 kilo zou kunnen houden. (Let op!! Dat is in veel gevallen erg weinig) De krachten hier vernoemd zijn betrekkelijk en hangen erg af van de bodem en kwaliteit van het hout en touw.

Sla, bij voorkeur, de paaltjes in de grond. De grond blijft zo vaster dan wanneer je zou gaan graven. Sla minstens 2/3 van de paal in de grond in een hoek van 45º. Zorg dat de trekkracht op het anker loodrecht is en de kabel of het touw zo dicht mogelijk bij de grond zit. Men heeft nu een enkele houvast

Door meerdere paaltjes te gebruiken kan er meer kracht worden verwerkt. Een één-op-één houvast bestaat uit twee enkele houvasten op 50cm uit elkaar verbonden met een slingersjorring. Ongeveer 600kg

Bij een twee-op-één houvast bestaat het voorst houvast uit twee paaltjes tegen elkaar. Ongeveer 900kg

Bij een drie-op-één houvast staan er voor de twee van hierboven een bundel van drie paaltjes. Ongeveer 1800kg[1].

Balkverankering[bewerken]

Wanneer je nog meer krachten wilt vasthouden is een balkverankering een betere oplossing. Met het juiste materiaal kan je tussen de 2 en 8 ton trekkracht vastleggen.

Maak twee twee-op-één houvasten op 50cm naast elkaar en plaats tussen de voorste bundel van beide houvasten een liggende balk van minimaal 15cm dikte. Ook hier telt een liggende balk extra geeft ook weer extra zekerheid.

Dodemanshouvast[bewerken]

Voor wie echt serieus veel kracht wilt verankeren bestaat de dodemanshouvast. Hierbij graaft men lood recht op de verankeringslijn een sleuf en daarin plaatst men een zware boomstam. Bevestig de lijn/kabel aan de boomstam met een daarvoor geschikte knoop of andere methode. Graaf in het verlegen van de kabel een sleuf zodat de lijn vrij kan bewegen. De hoek tussen maaiveld en kabel mag niet meer dan 25º bedragen.

Sla aan weerszijde van de kabel een aantal (evenveel) palen in de grond. Deze gaan mede de boom op de plaats houden. Gooi vervolgens het gat met de boom dicht met zand en stamp dit goed aan. Houd de sleuf met de kabel open en ook de bevestiging met de boom. Zo kan je controle blijven houden of alles nog goed vast zit.

LET OP!![bewerken]

Houd rekening met een veiligheidsfactor. Bij gebruik door mensen moet men rekening houden met een factor 10. Een verankering voor 200kg moet er 2000 kunnen houden. De spanning op de kabel kan zomaar al boven die 200 uitkomen zonder dat er iemand opstaat. Zonder voldoende kennis of kunde kunnen er echt ongelukken gebeuren. zie ook; Veilige Belasting.

Bronnen en referenties

Cookies helpen ons onze services aan te bieden. Door onze services te gebruiken stemt u in met het gebruik van onze cookies.